Een afvaardiging van de jury, onder leiding van juryvoorzitter Jos Som, heeft wethouder Herman Mittendorff op 10 november 2009 op het gemeentehuis van De Bilt gefeliciteerd. Samen met jonge sporters heeft de wethouder de prijs in ontvangst genomen. Naast de felbegeerde titel heeft de gemeente een trofee ontvangen, die speciaal voor de verkiezing ontworpen is door kunstenaar Jean-Paul Marsman, en een promotiepakket om extra bekendheid te geven aan de titel.

Wethouder Herman Mittendorff reageert verheugd: “Als gemeente zijn wij ontzettend blij met deze prijs. Het is voor ons meer dan een signaal dat onze aanpak om het sportbeleid samen met de sportverenigingen vorm te geven aanspreekt. Daarom ervaar ik deze prijs als een compliment voor de hele sportgemeenschap in De Bilt.”

Tijdens de feestelijke uitreiking van de prijs sportgemeente van het jaar zijn er filmopnames gemaakt. Een samenvatting daarvan is terug te zien op Youtube: http://www.youtube.com/watch?v=SY2YkOa7lKQ

 

Grote betrokkenheid
Bij het cijfermatige deel zet De Bilt een uitstekende prestatie neer met het percentage inwoners dat lid is van een sportvereniging én met een participatiegraad sportdeelname van maar liefst 85 procent.
Met een gemiddeld rapportcijfer van 7,83 scoort De Bilt daarnaast bijzonder goed met het essay. De jury roemt De Bilt onder meer voor haar betrokkenheid bij de sportverenigingen en de getoonde sportieve open houding bij problemen en nieuwe uitdagingen. De Bilt begeeft zich op het sportterrein als bondgenoot en teamspeler.

De verkiezing Sportgemeente van het Jaar is dit jaar voor de vierde keer georganiseerd door Vereniging Sport en Gemeenten, nationale sportkoepel NOC*NSF en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten. Eerdere winnaars waren Rotterdam en Enschede.


Op onderstaande foto het 'sportteam' van de gemeente De Bilt: Wim Tigelaar, Herman Mittendorf en Ineke Winkel (v.l.n.r)

 

Onderstaand treft u de tekst van het Essay aan dat door de gemeente is ingezonden voor de competitie

De Bilt, een gemeente met hart voor de sportvereniging

Een echte sportgemeente trekt niet alleen de portemonnee voor de mooiste
accommodaties. Een echte sportgemeente hijst niet alleen zijn bekende topsporters op
het schild. Nee, het verschil zit hem in de manier van werken: samen optrekken met de
sportverenigingen, met een sportieve en open houding voor problemen en nieuwe
uitdagingen. De gemeente als bondgenoot en teamspeler. Dat is voor de gemeente De Bilt
de gouden formule. En daar steken we graag onze energie in.

Het zijn krappe tijden. Maar dat behoort de pret niet te drukken bij gemeentes. Principes zijn er juist
om ook in moeilijke tijden hoog te houden. De gemeente De Bilt hanteert bij het sportbeleid het
principe van een open houding. Een voorbeeld? Onlangs klopte sportvereniging Irene aan met het
verzoek voor een beachvolleybalveld. Beachvolleybal in de bosrijke gemeente De Bilt? Natuurlijk,
waarom niet, was onze reactie. Wij nemen namelijk alle ideeën serieus en bekijken ze nauwgezet op
hun haalbaarheid, liefst in samenspraak met de sportverenigingen.

Inmiddels is het beachvolleybalveld een waardig en gewaardeerd Bilts sportproduct geworden: samen
met de sportvereniging hebben we een haalbaarheidsonderzoek gedaan, samen hebben we getekend
voor de realisatie, en – niet onbelangrijk in deze tijd – ook de kosten worden gedeeld. Een
succesformule: sinds de opening is het bijna elke avond volle bak op en rond het volleybalveld.

Met hockeyvereniging SCHC in De Bilt doorliepen we een vergelijkbaar traject. Met 2200 leden is het
een van de grootste hockeyverenigingen van het land. Onlangs zijn twee extra kunstgrasvelden
aangelegd, de gemeente en SCHC betaalden ieder één veld. Ook zijn in overleg afspraken gemaakt
over het gebruik van de accommodatie. De regels zijn dus niet van bovenaf opgelegd en toch weet
iedereen waar hij aan toe is. Opnieuw een project waar het keurmerk ‘Bilts sportproduct’ op kan.

Samen optrekken met de sportverenigingen. Dat gebeurt ook via regelmatig overleg met de
onafhankelijke Biltse Sport Federatie, die de 45 aangesloten sportorganisaties vertegenwoordigt. Bij
veel politieke sportkwesties besluit de gemeente pas nadat advies is uitgebracht door de
sportfederatie. Volgens voorzitter Jan van ’t Land is de samenwerking erg goed, met name door de
pro-actieve houding van de gemeente. Zijn ervaring is dat de gemeente problemen adequaat en
constructief oppakt. Van ’t Land is niet de enige. Ook de voorzitter van de Maartensdijkse
voetbalvereniging SVM, Hans Voogt, constateert veel onderling respect. De gemeente straalt volgens
hem uit dat sport echt belangrijk is. Hij ziet een oprechte en vooral reële houding, bijvoorbeeld bij de
recente onderhandelingen over het overnemen van de gemeentelijke opstallen bij de voetbalclub. De
accommodatie was toe aan een onderhoudsbeurt. De voetbalclub vond dat de prijs omlaag moest.
Vooral de constructieve opstelling van de gemeente viel hem op. In zijn woorden: ,,Er is vertrouwen,
daardoor zit je niet over elk dubbeltje te steggelen.’’

Toch telt elk dubbeltje natuurlijk. Een gemeente moet creatief op zoek blijven naar financiële
mogelijkheden. Nu het Rijk het mogelijk maakt om een zogeheten combinatiefunctionaris aan te
stellen zijn we daar meteen op ingesprongen. Dit jaar bekijken we samen met het welzijnsveld, het
onderwijs en de sportwereld de verdere invulling van die functie. Bovendien hebben we een
verenigingsondersteuner in dienst die de clubbestuurders stimuleert en ondersteunt bij het
ontwikkelen van beleidsplannen, bij het werven en scholen van het kader, en bij specifieke projecten.

De Bilt heeft een bijzonder groot sporthart en dat willen we graag zo houden. Uit onderzoek van het
Mulier Instituut naar sportdeelname in 2009 blijkt dat 85 % van de in totaal 42.000 inwoners aan
sport doet, terwijl dat landelijk maar 70% is. Bovendien sport 62% van hen in verenigingsverband en
ook dat is opvallend meer dan het landelijke gemiddelde van 47%. Inmiddels kunnen er in De Bilt
bijna veertig verschillende sporten worden beoefend.

In dat zelfde onderzoek zijn niet alleen de wensen onder sporters in kaart gebracht, maar ook is de
tevredenheid gepeild. We zijn erg blij met het gemiddelde rapportcijfer van 7,6 voor alle
accommodaties. Blij maar niet heel verrast, want nagenoeg alle accommodaties in De Bilt voldoen aan
de laatste eisen van NOC/NSF. Sportverenigingen kunnen immers alleen gedijen in een klimaat met
goede faciliteiten. Wat betreft de binnensportlocaties voldoet één sporthal -een nieuwe die vorig jaar
is geopend- inmiddels aan die eisen. In Maartensdijk, een van de zes kernen van De Bilt, wordt
momenteel de bestaande sporthal onder de loep genomen: wat is er nodig om aan de nieuwste eisen
te voldoen. In Maartensdijk wordt op het hoogste niveau gekorfbald. Daar willen we graag ons
steentje aan bijdragen.

Dat ons beleid vruchten afwerpt blijkt onder andere uit de prestaties van de verenigingen. Een kleine
greep: naast de korfbalclub in Maartensdijk spelen ook het dames- en herenteam van
hockeyvereniging SCHC in de hoofdklasse. Hockeyclub Voordaan speelt overgangsklasse en de
waterpolodames van BZC Brandenburg werden drie jaar geleden nog Nederlands kampioen.
Goede accommodaties zorgen dus voor goede prestaties. Dat is niet alleen onze praktijkervaring, het
wordt ook gestaafd door onderzoeker Jerre Maas van de Universiteit van Tilburg, die momenteel
werkt aan zijn Master Psychologie. Maas onderzocht in 2005 de effecten van sporten op de
gemoedstoestand van sporters en sportteams. Hij concludeerde onder meer dat men, om goede
prestaties te stimuleren, een sportteam in een optimaal psychofysisch klimaat dient te brengen. Die
voorwaarden scheppen we onder andere door mee te gaan met allerlei nieuwe ontwikkelingen.

Nieuwe ontwikkelingen: daar ligt een derde belangrijke ambitie voor gemeentes. Zorg dat het
sportaanbod steeds vernieuwt en vooral aansluit bij jongeren, zodat de sportparticipatie op peil blijft
en liever nog toeneemt. Daarom was er ook deze zomer weer, met hulp van de gemeente, een
sportweek in De Bilt, waarin jongeren met zestien sporten kennis konden maken. Dat bleef bewust
niet beperkt tot de traditionele sporten. Wat te denken van golf, flagfootball, capoeira, streetdance,
frisbee, cricket en kickboksen? Verder is er een jaarlijkse vrijetijdsmarkt waar verenigingen zich
presenteren, er zijn schoolsportdagen, een avondvierdaagse, een zwemvierdaagse, een jaarlijkse
huis-aan-huis sportkrant, een sportbus die op de basisscholen ‘pauzesport’ verzorgt en
verenigingsgerichte projecten zoals ‘Trainers voor de klas’ en ‘Kanjers in de sport’.

Sport verenigt. Gemeentes behoren zich alle moeite te getroosten om sportdeelname te stimuleren.
Die plicht nemen we uiterst serieus. Sport bevordert niet alleen de fysieke en mentale gezondheid van
individuele inwoners, sport bevordert ook de sociale samenhang en is daarmee een van de
hoekstenen van ons welzijnsbeleid. Dat doen we samen met de verenigingen. Zij weten tenslotte als
geen ander waaraan hun leden behoefte hebben en juist het bloeiende verenigingsleven met al z’n
kennis, ervaring en onuitputtelijk elan maakt De Bilt anno 2009 eens te meer tot wat het in feite al
jaren is: een gemeente met hart voor de sportvereniging.

Wethouder H.P. Mittendorff
augustus 2009